Is het al tijd voor wijn - wijnblogs - wijnaccessoiress

Wijn leren drinken en het proeven van wijn

Iedereen kan wijnproeven, het grote verschil tussen de expert en de minder geoefende proever is ervaring. Experts hebben de tijd gehad om proefervaring op te bou­wen en zijn dus beter in het benoemen van de smaak­ eigenschappen. Het is een misvatting dat mensen met minder ervaring minder goed kunnen proeven; dat kunnen ze net zo goed. Zij missen echter vooral de woorden om de smaak te beschrijven.

Voor het proeven van wijn is een goed glas essentieel. Een goed proefglas heeft een steel en een kelk die van onderen bol is en naar boven taps toe¬≠ loopt. Er zijn veel modellen en maten die aan deze eis voldoen. Voor het proeven van wijn is het belangrijk dat het glas niet ruikt en vlekken bevat. Het wijnproeven bestaat uit vier verschillende stappen. Bij elke stap beoordeelt je een ander onderdeel van de wijn. Gebruik het snelmenu om direct naar het onderdeel te gaan wat jou interesseert. Ben je ge√Įnteresseerd in het gehele proefproces, lees dan rustig verder onder de afbeelding.

Inhoudsopgave: wijn leren drinken en het proeven van wijn

Druk op onderstaande stap om direct naar het onderdeel te gaan waar jij meer over wilt weten. Geen zin om te lezen? Ga dan direct naar de video.

Tekst over wijn leren drinken en het proeven van wijn gaat verder onder de afbeelding
Wijn leren drinken en het proeven van wijn - wijnblogs

Wijnproeven stap 1: kleur en andere uiterlijke kenmerken

De eerste stap van het proeven is kijken. Hierbij moet je het glas aan de steel of aan de voet vast houden en niet aan de kelk. Je beoordeelt de kleur en de hel­derheid door het glas schuin tegen een lichte onder- grond te houden.

De wijn wordt beoordeeld op de volgende kenmerken:

  • Helderheid;
  • Kleur;
  • Intensiteit van de kleur;
  • Stroperigheid (viscositeit, dikte).

Helderheid van de wijn

Wijn hoort in het glas helder te zijn; troebele wijn is meestal een wijn met bezinksel (depot) die onrustig is behandeld, bijvoorbeeld doordat de fles geschud is. Hierdoor is het bezinksel door de wijn gaan ‘dwarrelen’. Omdat het depot een bitter, droge smaak heeft is de wijn minder geschikt om te proeven.

Ongefilterde en geconcentreerde rode wijnen met veel vaste stoffen zijn meestal wel helder, maar wat dof en ondoorzichtig. Witte wijnen en gefilterde rode wijnen zijn meestal fonkelend en kristalhelder.
wijn-proeven-leren-drinken-van-wijn-kleur-wijn

Kleur van de wijn

In het algemeen zegt de kleur veel over de leeftijd en het stadium van ontwikkeling van de wijn:

  • Witte wijnen: de kleur van witte wijnen loopt van bleek naar groengeel tot Heel oude witte wijnen worden bruinachtig. Bij witte wij¬≠nen zegt de kleur ook iets over de toegepaste venificatietechniek. Reductief gemaakte wijnen zijn meestal bleker dan oxidatief gemaakte wijnen.
  • Rode wijnen: de kleur van rode wijnen loopt van paarsrood bij jonge wijnen naar bruinachtig oran¬≠je in het geval van oudere deze kleurscha¬≠kering is vooral goed te zien langs de rand van het glas.

Intensiteit van de kleur

Behalve de kleur zelf beoordeelt men ook de intensi­teit, ofwel diepte van de kleur. Deze loopt van licht naar gematigd tot diep.

Stroperigheid van de wijn

Veel mensen kijken bij de uiterlijke kenmerken van wijn ook naar de ‘tranen’ in het glas. Die blijven achter na het ‘walsen’. Het walsen is het ronddraaien van de wijn in het glas. Tranen zeggen iets over de dikte, ofwel viscositeit of stroperigheid van de wijn. Het zegt echter niets over de kwaliteit van de wijn.

Bij mousserende wijnen kijkt men naar de fijnheid van de belletjes. Kleine bellen zijn een teken van kwaliteit.
wijn-proeven-leren-drinken-van-wijn-geur-wijn

Wijnproeven stap 2: de geur

De geur van een wijn noemt men ook wel het bouquet of de neus. De geur is een belangrijk onderdeel van de smaakwaarneming. Bovendien zegt de geur veel over het karakter van de wijn. Druivenrassen met specifieke aromatische kenmerken zijn aan hun bou­quet te herkennen, zoals de Sauvignon en de Muscat. Dat geldt ook voor bepaalde vinificatietechnieken, zoals de rijpe tonen van oxidatieve vinificatie en houtrijping.

Om de geur goed te beoordelen laat men de wijn in her glas rondwalsen. Doordat er wijn langs het glas blijft hangen, vergroot dit het wijnoppervlak. Zo krij­gen meer geurmoleculen de kans om te ontsnappen en in de neus terecht te komen.

Het bouquet van een wijn is vaak lastig te beschrij­ven. Het beste is te beschrijven waaraan de geur doet denken. Dat kunnen heel persoonlijke ervaringen zijn, en je kunt hier je eigen woorden gebruiken, omdat je je hier goed iets bij kunt voorstellen.

Om enige structuur aan te brengen in de aroma’s van een wijn onderscheiden we deze in 3 groepen:

  • Primaire aroma’s: Dit zijn de fruitgeuren van de druivenrassen zelf. Vaak zijn dit frisse geuren van bloemen en (exotisch) fruit, gras en buxus;
  • Secundaire aroma’s: Dit zijn de geuren die voort¬≠ komen uit vergisting en houtlagering, zoals toost, amandelen, noten, vanille, boter, melk, gist, brood en wee√Įge snoepjesgeuren.
  • Tertiaire aroma’s: Dit zijn vaak rijpe geuren die voortkomen uit rijping en lagering. Voorbeelden zijn dierlijke geuren, stal, mest, paddenstoelen, teer, leer, ceder, rubber, koffie, chocola, laurier en olieachtige minerale geuren als de go√Ľt de p√©trole van de rijpe Riesling. Ook sherryachtige oxidatie¬≠ geuren behoren tot de tertiaire aroma’s.

Ook de vinificatiemethode heeft direct invloed op de soort aromastoffen in de wijn. Zo is de reductieve wijnbereiding gericht op het behoud van de primaire aromastoffen. Bij de oxidatieve methode probeert een wijnmaker juist de ontwikkeling van secundaire aroma’s te stimuleren. Reductief en oxidatief gevinifieerde wijnen kunnen tertiaire aroma’s ontwikkelen. Het herkennen van aromastoffen is niet de enige functie van het beoordelen van de geur. Het heeft nog een andere functie: het herkennen van fouten. De bekendste voorbeelden daarvan zijn kurk, oxida¬≠tie en azijnsteek.
wijn-proeven-leren-drinken-van-wijn-proeven-wijn

Wijnproeven stap 3: smaak en afdronk

Het nemen van een slok om de smaak en de afdronk te beoordelen. Het reuk­ orgaan is ook tijdens het proeven actief. Sterker nog, een groot deel van wat men smaak noemt, wordt eigenlijk geroken. Daarom zuigen echte proevers tijdens het proeven lucht naar binnen. Slurpen mag. In de mond laat men de wijn even rond spoelen, zodat zoveel mogelijk smaakpapillen ermee in aanraking komen. Bovendien warmt de wijn in de mond snel op, zodat de aromastoffen goed loskomen. Tijdens dit proeven zijn er drie fasen te onderscheiden:

  • De aanzet;
  • Het ‘middengedeelte’;
  • De afdronk.

Goede wijnen zijn te herkennen aan een gelijkmatige smaakontwikkeling: ze hebben een goede aanzet, de smaak zet zich door in het middengedeelte en na het wegslikken blijft de wijn nog enige tijd ‘hangen’. Dat is de afdronk. We spreken van een goede afdronk, als na het wegslikken of uitspugen je na tien secon¬≠den nog iets prettigs proeft. Een lange afdronk is een kenmerk van een goede wijn.

Een ander kenmerk van goede wijnen is dat ‘de neus’ past bij de smaak: je proeft wat je eerst hebt geroken.

Video: wijn leren drinken en het proeven van wijn

Bekijk hieronder de video om bovenstaande uitleg te zien.

Bij To-Wine.com vinden we het belangrijk om jou te inspireren en jouw kennis te verbreden op gebied van wijn. Onze¬†wijnblogs, die gericht zijn op wijn en¬†wijnaccessoires geven je handige tips, feiten en nieuwe inzichten. We hopen dat dit blog “Wijn leren drinken en het proeven van wijn” bij zal dragen aan het cre√ęren van jouw perfecte wijnbeleving. Wil je naar aanleiding van dit blog wijnglazen kopen maar heb je nog advies nodig, neem dan vrijblijvend contact met ons op.